Saunatemperatuur en opgieten: zo sauneert u goed

De ideale saunatemperatuur, het opgietritueel en een compleet sessieschema van douche tot narusten, met de regels voor veilig afkoelen.

Laatst bijgewerkt 4 min lezen
  • sauna
  • temperatuur
  • opgieten
  • saunasessie
  • afkoelen

Kort antwoord: verwarm de sauna tot 70 a 90 °C, wacht tot de kachelstenen volledig zijn doorgewarmd en bouw de sessie op in rondes van 8 tot 15 minuten met afkoelen en rust ertussen. Giet op met kleine scheppen water (eventueel met enkele druppels saunageur door het opgietwater), nooit met pure olie op de stenen. En onthoud de belangrijkste regel: de beste saunasessie is de sessie waarin u op tijd naar buiten gaat.

Temperatuur: waar u zit bepaalt wat u voelt

Warme lucht stijgt, dus de temperatuur in de cabine is gelaagd: op de bovenbank is het het heetst, op de onderbank tientallen graden milder, en bij de vloer relatief koel. Daarom wordt de saunatemperatuur altijd op zithoogte van de bovenbank gemeten.

  • Beginners: start rond 70 °C op de midden- of onderbank.
  • Ervaren saunagangers: 80 tot 90 °C op de bovenbank.
  • Met kinderen of gemengd gezelschap: houd de kachel lager en gebruik het hoogteverschil: iedereen kiest zijn eigen klimaat.

Laat de sauna volledig op temperatuur komen voordat u erin gaat. Niet alleen de lucht, ook de stenen en het hout moeten doorgewarmd zijn; alleen dan krijgt u de zachte stralingswarmte en een goede opgietstoom. Hoe u de kachel kiest en gebruikt leest u in houtgestookte of elektrische saunakachel.

Opgieten: het ritueel van de löyly

Opgieten (Fins: löyly) is het scheppen van water op de hete stenen. De verdampende golf verhoogt de luchtvochtigheid en daarmee de gevoelstemperatuur, zonder dat de luchttemperatuur echt stijgt. Zo doet u het goed:

  1. Vul de emmer met schoon water en meng er eventueel enkele druppels saunageur doorheen. Nooit pure (etherische) olie op de stenen: dat spat, kan vlam vatten en beschadigt de stenen.
  2. Giet één kleine schep (ongeveer een half kopje) gelijkmatig over de stenen.
  3. Wacht enkele seconden: de stoomklap komt met vertraging en trekt van het plafond naar beneden.
  4. Herhaal twee tot drie keer, naar smaak van iedereen in de cabine. Vraag het even; opgieten doe je niet ongevraagd in gezelschap.

Kleine hoeveelheden zijn het geheim. Een halve liter in één keer maakt de stenen nat en koud in plaats van dat er stoom ontstaat.

Het complete sessieschema

Fase Duur Waar op letten
Douchen en afdrogen 5 min schoon en droog de sauna in; een droge huid zweet sneller
Ronde 1 8 tot 12 min midden- of onderbank, rustig wennen
Afkoelen 5 tot 10 min buitenlucht, koude douche of dompelbad
Rust 10 tot 15 min zitten of liggen, water drinken
Ronde 2 (en 3) 10 tot 15 min desgewenst hoger of met opgieting
Narusten 15 tot 30 min rustig aankleden, blijven drinken

Neem voor elke ronde een handdoek mee die groot genoeg is om volledig op te zitten of te liggen: wel zo hygiënisch en het beschermt het hout tegen zweet.

Afkoelen: net zo belangrijk als de warmte

Het contrast tussen heet en koud maakt het saunaritueel af. Bouw het rustig op:

  • Begin met een paar minuten buitenlucht en rustig ademhalen.
  • Douche daarna koud van de voeten omhoog richting het hart, niet direct op de borst.
  • De koudste stap is een dompelbad: 30 tot 90 seconden is genoeg voor het volledige effect.
  • Sluit elke ronde af met echte rust. Wie van de sauna direct het koude water in en meteen weer de hitte in springt, slaat het herstel over waar het lichaam juist van profiteert.

Wat u beter laat

  • Alcohol voor of tijdens het sauneren: verwijdt de bloedvaten en maskeert waarschuwingssignalen.
  • Sauneren direct na een zware maaltijd of intensieve sport: gun het lichaam eerst een uur.
  • Doorbijten bij duizeligheid: direct naar buiten, zittend afkoelen en drinken.
  • Contactlenzen en sieraden: metaal wordt heet en lenzen drogen uit; doe ze vooraf af en uit.

Onderhoud dat de beleving bepaalt

Twee dingen bepalen sluipenderwijs hoe uw sauna aanvoelt. De ventilatie: houd de luchtinlaat laag bij de kachel en de uitlaat hoog aan de tegenoverliggende wand licht open, zodat er continu verse lucht doorstroomt. En de kachelstenen: stapel ze los zodat lucht erdoorheen kan, en controleer ze jaarlijks. Brokkelende of verzadigde stenen geven een vlakke, benauwde warmte; vervang ze dan.

Veelgestelde vragen

Gerelateerde artikelen